Afl.17 Nederland // “No regrets”

Nu we weer op Nederlandse bodem zijn begint het langzaam tot ons door te dringen wat we de afgelopen maanden gedaan, gezien en meegemaakt hebben. De enorme afstanden, de honderden hoogtepunten en de vele mensen die we gesproken hebben. De afwisselende prachtige natuur, de fascinerende culturen en de onvergetelijke momenten.

Op 16 januari dit jaar kwamen we aan in Buenos Aires en op 21 september 2012 eindigden we in Hong Kong. In 210 dagen hebben we door 14 landen, binnen drie verschillende werelddelen gereisd. De contrasten zijn gigantisch en de highlights ontelbaar. Hieronder een korte vlucht over de hoogtepunten per land.

- Argentinië: de ‘Perito Moreno Gletsjer’ en ‘Mount Fitzroy’.
- Uruguay: de rust, gastvrijheid en de koloniale architectuur.
- Chili: de Atacamawoestijn en Zuid-Amerika’s mooiste natuurpark ‘Torres del Paine’.
- Bolivia: Lake Titicaca, het gehele zuiden en ‘s werelds grootste zoutvlakte ‘Salar de Uyuni’.
- Colombia: de Caribische kust, koffieplantages, palmbomen en de salsamuziek.
- Ecuador: de Amazone, de dierenmarkt van Otavalo en de Galápagos Eilanden.
- Peru: Machu Picchu, Cuzco en de gigantische bergketens.
- Nieuw-Zeeland: ‘s werelds mooiste fjord ‘Milford Sound’ en het gehele Zuidereiland.
- Australië: Sydney, de Whitsunday Eilanden en het Red Centre (Ayers Rock).
- Thailand: het Grand Palace en het uitzicht vanaf de State Tower in Bangkok.
- Cambodja: Angkor Wat, de Bayontempel en de Killing Fields.
- Laos: Luang Prabang, de rijstvelden, olifanten en monniken.
- Maleisië: de Petronas Twin Towers in Kuala Lumpur.
- China: de skyline, de luxe en de grootsheid van Hong Kong.

Om dit alles te zien hebben we 23.000 kilometer over land gereisd (bijna twee keer de afstand van hier naar Australië). 10.000 kilometer daarvan hebben we zelf in drie verschillende auto’s in Nieuw-Zeeland en Australië afgelegd. Daarnaast hebben we met 26 verschillende vliegtuigen in totaal ruim 76.000 kilometer gevlogen, bijna twee keer de aarde rond!

We hebben in 108 verschillende accommodaties overnacht, waaronder: hotels, hostels, tentjes, auto’s, nachtbussen, vliegtuigen, op het vliegveld en zelfs een ijskoude nacht in een busstation.

Het zijn de contrasten die de reis zo compleet maken. De verpletterende natuur, de samenleving en tradities van andere culturen en het ultieme vrijheidsgevoel. Maar ook de minder prettige maar leerzame momenten, welke we achteraf niet hadden willen missen. We zijn er zonder kleerscheuren vanaf gekomen, geen tropische ziektes, geen berovingen, bedreigingen of oplichtingen. Onze voorbereiding bleek perfect!

We hebben geen seconde spijt van onze beslissing, het was iedere cent waard. En we zijn gelukkig dat we deze ervaring met zijn tweeën kunnen delen. Een onvergetelijke ervaring waarvan we altijd zullen blijven genieten!

“Twenty years from now you will be more disappointed by the things you didn’t do than by the ones you did do. So throw off the bowlines, sail away from the safe harbor. Catch the trade winds in your sails. Explore. Dream. Discover.” – Marc Twain

20120927-163340.jpg

Afl. 16 Laos & Hong Kong // Very good!

Laos

De dag na de “buspech” in Cambodja zijn we de grens over gereden naar Laos. Om nieuwe vertragingen te voorkomen besloten we per taxi te gaan. Maar na nog geen half uur rijden stonden we weer langs de kant…iets met de remschijven. Een goed moment om het leven in het plaatselijke dorpje te aanschouwen. Gelukkig was de taxi binnen anderhalf uur gerepareerd en konden we onze weg voortzetten richting Laos. De grensovergang was wel erg bijzonder, vooral de procedure. Tegen een kleine vergoeding regelde een local onze visa (we weten nog steeds niet waar) en vervolgens liepen we onder een slagboom door en waren we in Laos. We hebben geen douaneambtenaar gezien. Een corrupte bedoeling, maar wel snel en comfortabel.

In het zuiden van Laos zijn we naar een groot eilandengebied geweest, midden in de Mekongrivier. Op het eiland Don Det hebben we een fietstocht langs de rijstvelden en lokale bevolking gemaakt. De kwaliteit van de fietsen liet te wensen over, maar de ervaring was fantastisch. De volgende dag ging de trip naar de watervallen in het Bolavenland Plateau en moesten we weer ons transportmiddel kiezen. Er waren twee opties. Óf de te kleine en langzame TukTuk die de berg waarschijnlijk niet op zou komen. Óf de oudste, meest gammele en overbeladen bus ter wereld. We kozen voor de “bus”. Na twintig minuten rijden hoorden we een gigantische knal en stonden we voor de derde keer in vier dagen tijd langs de kant. Een klap waarvan onze oren de dag erna nog pijn deden. De mensen in de bus keken er niet van op en vonden ons interessanter dan de klapband. Een oud mannetje bleef zelfs na de knal onafgebroken roepen “very good, very good”, de enige twee Engelse woorden in zijn vocabulaire. Op die momenten vraag je jezelf hardop af waarom je niet aan de Costa Brava bent gaan liggen. De te kleine en veel te langzame TukTuk trok ons de berg omhoog en bracht ons naar onze junglehut, van waaruit we een geweldig uitzicht hadden op de watervallen. Ter plekke hebben we nog een enerverende trekking gedaan door de koffieplantages naar de top van de watervallen.

Na twee rustdagen in Pakse zijn we naar Luang Prabang gevlogen. Deze stad in het noorden van Laos ligt midden in de bergen en aan de Mekong. De ongerepte groene natuur, de bijzondere tempels en de monniken maken Luang Prabang een absoluut hoogtepunt van onze reis. We hebben er een geweldige privé olifantentocht door de jungle gemaakt (bij in onze ogen de enige organisatie die echt goed is voor de dieren), waarbij we geen toerist zijn tegengekomen. De dag daarvoor waren we om 5 uur ‘s ochtends opgestaan om een ritueel bij te wonen dat zich elke ochtend bij zonsopkomst voordoet: de processie van de monniken. Gelovigen Laotianen schenken op hun knieën en met gebogen hoofd rijst en fruit aan de monniken. Langzaam trekt de ochtendmist op en zie je honderden monniken, gekleed in oranje gewaden voorbij lopen om de aalmoezen te verzamelen. Op die momenten weet je weer waarom je niet aan de Costa Brava bent gaan liggen.

Laos was alles waarop we gehoopt hadden. Prachtige groene natuur, bergen, rijstvelden, monniken, cultuur en weinig toerisme. Een land dat er voor ons echt uit springt.

Hong Kong

Na een dagje Kuala Lumpur in Maleisië hebben we de reis vervolgt naar onze allerlaatste bestemming: Hong Kong. De stad die in 1997 door de Britten terug werd gegeven aan China. In alle opzichten is Hong Kong een metropool. Ruim 7 miljoen inwoners, alle denkbare transportmiddelen, ‘s werelds modernste winkelcentra en meer wolkenkrabbers dan New York.

De skyline is adembenemend, vooral ‘s avonds. Ons hotel voor deze laatste nacht kijkt hierop uit. Na deze lange reis hebben we dat zeker verdiend. We hebben een mooie tijd gehad en het was voor ons erg speciaal om deze reis met onze vrienden te kunnen afsluiten. Vannacht vliegen we terug naar Nederland en kunnen we beginnen met het verwerken en nagenieten van onze onvergetelijke ervaring.

20120920-130117.jpg

Afl. 15 Bangkok & Cambodja // Open your heart, open your wallet

Bangkok
Na een 10 uur durende tussenstop in Singapore kwamen we aardig gesloopt aan in Bangkok. Gelukkig lijkt Singapore Airport meer op een entertainment centre dan op een vliegveld, zodat we de nacht goed zijn doorgekomen. We hadden onze vluchten perfect op elkaar afgestemd, zodat we kort na Niels en Lieke aankwamen in Bangkok. Top om hen na een lange tijd weer te zien. En mooi om een nieuw werelddeel toe te voegen aan onze reis.

Ons hotel in Bangkok lag in Chinatown, zodat we niet alleen te kampen hadden met een jetlag, maar ook met een cultuurshock. De eerste twee dagen in Bangkok hadden we aardig volgepropt, met onder andere een bezoekje aan het Grand Palace, een boottocht langs de armste wijken van Bangkok en bijkomen in de hypermoderne shoppingmalls met gratis massagestoelen.

Maar het hoogtepunt van Bangkok was het avondje op de 250 meter hoge State Tower. Op het dak van dit grootste gebouw van Zuidoost-Azië is een openluchtbar gevestigd met 360 graden uitzicht over Bangkok. Bovendien is hier ‘The Hangover’ opgenomen en dus moesten we hier hoe dan ook binnen zien te komen. Na lang twijfelen besloot Niels zijn korte bermudabroek aan te doen, aangezien deze veel chiquer is dan zijn lange afritsbroek. Na een half uur in de taxi en drie minuten in de lift kwamen we aan op de bovenste verdieping. Voor dames was het kledingvoorschrift blijkbaar “dress-less”. Maar alle protesten ten spijt… Niels kwam er met zijn korte broek niet in. Enorm balen en omdat we geen tijd meer hadden om terug naar het hotel te rijden, besloten we in de lokale nightmarket op zoek te gaan naar een “geschikte broek”. Dit was zonder meer het beste deel van de avond. Uiteindelijk is hij er met een veel te strakke Levis spijkerbroek goed vanaf gekomen. En hop…enkele lachende gezichten…maar we kwamen binnen. Het uitzicht was fenomenaal, de drankjes smaakten goed en na afloop zijn we nog even het hotel ingeslopen om de Hangover-suite te zien. Een memorabele avond, waarvan we de meeste foto’s hebben moeten censureren ;) .

Cambodja
De busreis naar Cambodja verliep verspoedig. In Siem Reap hebben we het tempelcomplex rondom Angkor Wat bezocht. Angkor Wat is gebouwd in de 12e eeuw en is tot op heden nog steeds het grootste religieuze bouwwerk ter wereld. Erg indrukwekkend, maar de nabijgelegen tempel Angkor Thom vonden wij nog mooier. In Siem Reap hadden we een superluxe “appartementje” en na 7 maanden (en Niels na 1 dag) waren we direct verbrand. Met regelmatige regenbuien en UV-straling 14 kan een paraplu handig zijn.

In de hoofdstad Phnom Penh zijn we naar de wereldberoemde Killing Fields geweest, waar de Rode Khmer tussen 1975 en 1979 een bloedbad heeft aangericht. Over het regime van dictator Pol Pot was aanvankelijk niets bekend, maar na verloop van tijd werd het voor de buitenwereld duidelijk wat er in Cambodja gebeurde. Het doel van Pol Pot was om van Cambodja een communistische landbouwstaat te maken, waarbij iedereen van de stad naar het platteland werd verdreven en boer moest worden. Intellectuelen en tegenstanders werden vermoord. Families werden ontmanteld, kinderen werden vermoord om wraakacties te voorkomen en het geld werd afgeschaft. Later werden er ruim 400 Killing Fields gevonden, elk met meerdere massagraven. Gevangenen van onder ander de Tuol Sleng Gevangenis werden gemarteld en vervolgens per truck naar de Killing Fields gebracht, waar ze onder bizarre omstandigheden werden afgeslacht. Om kogels te sparen sloegen de Rode Khmer mensen dood met hun geweren. Kinderen en baby’s werden gedood door ze tegen bomen aan te slingeren. Door de aarde heen zie je nu nog overal botjes liggen. Het waren er te veel om op te bergen. Op een totale bevolking van 7 miljoen mensen werden er binnen vijf jaar tijd 2 tot 3 miljoen vermoord.

Ter afleiding zijn we vervolgens naar het strand gereden in Sihanoukville. Vanwege het laagseizoen was deze plaats aardig uitgestorven, behalve een twintigtal straatkinderen die niet bepaald op hun mondje waren gevallen. “What’s your favourite color?” “..White..” “Ow..That’s why your boyfriend is white”. En: “Open your heart, open your wallet”.

Daarna hebben we een hele dag gebust naar Laos. 12 zitplaatsen voor 18 man blijkt niet ongebruikelijk te zijn en het liefst hadden ze er nog 5 mensen bij geduwd. Tijdens deze zeer oncomfortabele rit bleek dat de ruitenwissers niet werkten, maar ondanks de regenval was dit voor de driver geen enkele belemmering. Toen het donker werd merkten we tot overmaat van ramp dat ook de verlichting niet werkte. We hadden weinig zin om ons leven op het spel te zetten, dus hebben we de driver verzocht om te stoppen. Omdat het pikkedonker was, het steeds harder begon te regenen en omdat we het idee kregen dat er niets gerepareerd zou worden, besloten we te gaan liften. Niet veel later “zaten/lagen” we in een busje bovenop de knoflook en de paprika’s op weg naar ons hotel. Dat er ook nog muizen tussen zaten gaf het avontuur een extra dimensie.

Inmiddels zijn we in het zuiden van Laos. Omdat onze vlucht naar het noorden pas morgenavond vertrekt, moeten we verplicht twee dagen aan het zwembad hangen. Zodra we in Hong Kong zijn zullen we nog een laatste verslagje plaatsen. Tot nu toe bevalt Azië uitstekend, we maken er in ieder geval genoeg mee.

20120911-162131.jpg

Afl. 14 Red Centre // Petrol sniffing

Vanuit ons tentje zien we op dit moment de mooiste sterrenhemel ooit, inclusief de befaamde “milkyway”. Een goed moment dus voor een verslagje.

We hebben het aardig getroffen met onze Franse vrienden. Zoals gezegd hebben we hen aan de oostkust ontmoet en hoopten we om ergens in de Outback een stukje samen te kunnen reizen. Op het vliegveld in Alice Springs stonden ze echter al direct op ons te wachten. Nadat we er in geslaagd waren om 4 personen en een karrenvracht aan bagage in hun auto te proppen, zijn we gaan rijden. Inmiddels hebben we samen bijna 4000 km afgelegd.

Van Alice Springs zijn we naar Ayers Rock gereden, hét icoon van Australië. De Aboriginals noemen deze immense rots “Uluru” en ze hebben wel honderd redenen bedacht waarom de rots heilig is. Dat interesseert ons vrij weinig. Waar het om gaat is dat je na uren door niemandsland rijden plots wordt overvallen door een rots die zó groot is dat je hem van 100 km afstand al kunt zien liggen. 350 meter hoog en een omtrek van 10 kilometer. Met behulp van een ketting kun je de beklimming aangaan, wat met 32 graden nog een aardig karwei is. Maar eenmaal boven is het iedere zweetdruppel waard.

Naast Uluru zijn er nog een aantal must-sees in de outback. Vooral Kata Tjuta (een andere enorme 550 meter hoge rotsformatie) en Kings Canyon (een gigantische kloof) zijn betoverend. Verder is het één uitgestrekte rode zandvlakte, die voornamelijk wordt bewoond door wilde honden en dingo’s. Overdag kan het snikheet worden en ‘s nachts vriest het meestal. Het klinkt wellicht weinig aantrekkelijk, maar op eigen houtje dwars door het Red Centre rijden is amazing.

Vanuit hartje Australië zijn we via Katherine Gorge en Kakadu National Park naar de noordkust van Australië gereden. Kakadu NP staat bekend om haar watervallen, krokodillen en om de oeroude rotsschilderingen van de Aboriginals, maar zonder 4WDrive heb je hier eigenlijk niet veel te zoeken. Behalve dan het feit dat het park één groot vogelparadijs is. Papegaaien, kaketoes, uilen en enorme roofvogels vliegen onafgebroken langs onze tent.

Overigens bestaat de bevolking in Centraal- en Noord-Australië nog steeds voor 30% uit Aboriginals, in totaal 60.000. Je ziet ze dan ook overal rondhangen. Hangen, want actief zijn ze zeker niet. Uit de kranten en plaatselijke waarschuwingen blijkt in ieder geval dat deze bevolkingsgroep voor enorm veel overlast en geweld zorgt. Niet de dieren, maar de Aboriginals zorgen dus voor het grootste gevaar in de Outback. Ze mengen zich totaal niet met andere culturen en vermijden ieder contact. Daarnaast beperken ze zich voornamelijk tot het drinken van alcohol. Om die reden kun je hier slechts een beperkte hoeveelheid alcohol kopen. Als een aboriginal al contact met je legt, gaat het uitsluitend om de vraag of je extra bier voor ze kunt gaan kopen. Tot overmaat van ramp is er zelfs speciale benzine verkrijgbaar, ter voorkoming dat je tank wordt leeg gesnoven. Je moet hier dus twee keer nadenken voordat je je auto ergens parkeert.

We zijn nu in Darwin, alweer onze eindbestemming in Down Under. We hebben een toptijd gehad in Australië. Vanwege het goede weer speelt het leven in dit land zich voornamelijk buiten af. Er wordt volop geïnvesteerd in activiteiten en faciliteiten buitenshuis, vrijwel allemaal gratis. Er worden (sport)parken, speeltuinen en zwembaden aangelegd. Overal staan picknicktafels en bbq’s. Het land heeft zó veel te bieden dat we er verliefd op zijn geworden. En dan hebben we de west- en zuidkust nog niet eens gezien. We hebben dus een goed excuus om hier nog eens terug te keren. Morgenvroeg zullen we – na een nachtje Singapore Airport – aankomen in Bangkok, om na een paar dagen verder te reizen naar Cambodja. Ook daar hebben we weer heel veel zin in!

20120824-152159.jpg

Afl. 13 Down Under// Oostkust

Australië is waanzinnig!

In principe zouden we nu kunnen stoppen met schrijven, want alles is hiermee gezegd. Bovendien wachten buiten de zee, het strand en de zon en is er dus weinig reden om jullie lastig te vallen met een uitgebreid verhaal.

Eigenlijk gaat het vrijwel iedere dag zo: we stappen ‘s ochtends uit onze camper (lees opnieuw auto/slaapplaats) en staan midden op het strand. Niemand te bekennen. Kopje koffie, boekje lezen, papegaaitjes kijken, beetje koken, stukje zwemmen. Een passerend oma’tje die aangeeft dat het leven zo slecht nog niet is. We kunnen het niet ontkennen.

Na de hoosbuien in Nieuw-Zeeland hebben we de laatste drie weken geen druppel regen gehad. Na een veel te korte week in Sydney zijn we naar Brisbane gevlogen, hebben we onze camper opgehaald en zijn we naar het noorden gereden. Uitsluitend langs de kust. Alle bezienswaardigheden waarvoor je meer dan tien kilometer landinwaarts moest rijden hebben we overgeslagen. We waren toe aan strand. Via Noosa, Hervey Bay, Agnes Water, Airlie Beach, Townsville en Mission Beach (deze opsomming is voor onszelf) zijn we in twee weken naar Cairns gereden. We hebben koala’s, emoe’s en kangoeroes gezien, een boottocht langs de Whitsundays eilanden gemaakt en uitgerust op Whiteheaven Beach, volgens velen het mooiste strand ter wereld.

Gisteren zijn we aangekomen in Cairns en morgen vliegen we naar Alice Springs, midden in het hart van Australië. Van daaruit zullen we dwars door de outback naar Darwin rijden, waarschijnlijk samen met twee Franse “lotgenoten”, met wie we ons tijdens de zware stranddagen goed hebben vermaakt. We mogen gratis meerijden in hun auto en zullen de nachten daarom in een tentje moeten doorbrengen. Een beetje spannend is dat wel, wetende dat het ‘s nachts zal vriezen, er geen gsm-bereik is en er in een straal van vijfhonderd kilometer niets of niemand te zien zal zijn (behalve spinnen en slangen). Het feit dat onze amis het te duur vonden om hun auto nog aan de noodzakelijke servicebeurt te onderwerpen geeft het avontuur nog een extra dimensie. Maar na twee weken vakantie kunnen we dat wel hebben.

Vanuit het aan de noordkust gelegen Darwin vliegen we naar Bangkok. Van daaruit gaan we met onze vrienden, Niels en Lieke, een maandje door Azië reizen!! Kijken we enorm naar uit, maar eerst nog even genieten van Australië. Down Under is waanzinnig.

20120811-233208.jpg

Afl. 12 Nieuw-Zeeland// Cheers mate!

Structuur, dat is het eerste dat je opvalt als je Zuid-Amerika inruilt voor Nieuw-Zeeland. Een grotere tegenstelling is haast ondenkbaar. Mensen die je wél de goede kant op sturen, een bus die wél op tijd vertrekt en een warme douche die ook echt warm is. Geasfalteerde wegen, een stortvloed aan verkeersborden en een maximumsnelheid van 100 km per uur.

Na aankomst in Auckland was de camper (lees: auto en slaapplek in één, niet heel comfortabel, maar wel erg gezellig) binnen dertig minuten geregeld, iets waar je in Zuid-Amerika beslist drie dagen voor zou moeten uittrekken. Auckland is de grootste stad van het slechts 4,4 miljoen inwoners tellende land en ligt in het noorden van het noordereiland. De stad ligt zowel aan de Tasman Sea als aan de Pacific Ocean, maar op de dag dat wij er aankwamen regende het zo hard dat we er niet veel van gezien hebben. Waarschijnlijk hebben we die dag meer regen gehad dan in vijf maanden Zuid-Amerika. Nog een tegenstelling dus, maar dat heeft alles te maken met het feit dat het hier hartje winter is en het dus het slechtste seizoen is om Nieuw-Zeeland te bezoeken.

De volgende dag zijn we daarom maar direct in onze “camper” gestapt en naar Rotorua gereden, waar je door de gehele stad borrelende modderpoelen en rokende geisers aantreft. In Taupo zijn we naar een natuurlijke warmwaterbron gereden, welke bij een buitentemperatuur van vijf graden erg verleidelijk lijkt om in te springen, maar zo heet is dat je met pijn en moeite je voeten erin kunt dompelen. Op het noordereiland hebben we verder een winterhike gedaan in het volledig ondergesneeuwde Tongariro National Park, een steenkoude zes uur durende wandeling die je naar twee prachtige meren leidt. Uiteindelijk zijn we naar de hoofdstad Wellington gereden, dat in het meest zuidelijke puntje van het noordereiland ligt.

Het noordereiland is zeker mooi, maar kan niet tippen aan wat we in de afgelopen maanden hebben gezien. Klinkt verwend, dat vonden we zelf ook. Maar goed, we waren dus verheugd om met de ferry vanuit Wellington de drie uur durende oversteek te maken naar het zuidereiland. Wel hebben we op die ene dag in Auckland na, ruim een week fantastisch weer gehad. Zon en blauwe lucht. Iets dat in het zuidereiland helaas nog zou gaan veranderen.

Op het zuidereiland hebben we via een boottocht en een wandeling het Abel Tasman NP bezocht. Daarna zijn we naar het mooiste deel van het land gereden…de westkust. Gletsjers, bergen, watervallen en het Lake District. Het mooiste van dit gebied is dat de hoofdweg direct aan zee ligt en je langs alle hoogtepunten leidt. Eigenlijk hoef je deze weg alleen maar te volgen en dan zie je echt alles wat je van Nieuw-Zeeland verwacht. Het enige dat er dan nog kan tegenzitten is het weer… Zes dagen lang hebben we regen gehad. Van een andere orde dan de Nederlandse regen, zonder pauzes ook. Gelukkig zijn er overal thermale baden om de tijd door te brengen.

De must-see in Nieuw-Zeeland is zonder twijfel Milford Sound, een mega spectaculair fjord met steile bergen en honderden watervallen. Als het regent althans!! En omdat we in het verkeerde seizoen reizen, waren de half miljoen jaarlijkse bezoekers er gelukkig niet. De boot hadden we dus zowat voor onszelf. Milford Sound is groots, spectaculair en héél indrukwekkend.

In de dagen erna waren de weergoden ons beter gezind en zijn we van Queenstown (misschien wel de mooist gelegen stad ter wereld) naar de oostkust gereden, langs prachtige meren en berggebieden. Vandaag gaan we nog even bekijken hoe Christchurch er na de zware aardbevingen bij ligt, voordat we morgen naar Sydney vliegen.

Het is moeilijk om Nieuw-Zeeland te beschrijven. Cultuur bestaat hier niet, leuke steden evenmin. Veel te beleven is er ook niet echt, tenzij je iedere dag wilt hiken, bungeejumpen of skydiven. Maar het zuidereiland is wonderschoon, daar bestaat geen twijfel over. Ook is het land heel gemakkelijk en veilig te bereizen, helemaal als je over eigen vervoer beschikt (het enige waar je op moet blijven letten is het links rijden, met als extra handicap het stuur aan de rechterkant). Echt groot is Nieuw-Zeeland niet en mede door de fantastische wegen kun je alle hoogtepunten dan ook binnen een paar weken bezoeken. Door de uitstekende toeristeninformatie hoef je bovendien niets voor te bereiden. Handig, want daar hadden we dit keer weinig zin in.

Eigenlijk kwam NZ niet in ons originele plan voor, maar omdat we hier gratis konden uitstappen op weg naar Australië, hadden we dit land zonder lang nadenken alsnog toegevoegd. Achteraf een perfecte beslissing. De regen, de kou, het afschuwelijke Engels en de $ 300 verkeersboete nemen we graag voor lief.

Cheers mate!

20120721-122526.jpg

Afl. 11 Bolivia & Santiago // Laatste uurtjes Zuid-Amerika

Lake Titicaca kun je zowel vanuit Peru als vanuit Bolivia bezoeken. Omdat vrijwel iedereen de Peruaanse zijde kiest, kozen wij uiteraard voor de Boliviaanse. Vanuit Cuzco hebben we dus de bus naar Copacabana in Bolivia genomen.

Van daaruit hebben we Isla del Sol bezocht, een mooi eiland in het hoogst bevaarbare meer ter wereld. Onbewust hebben we de (veel zwaardere) niet-toeristische wandelroute over het eiland gelopen. Maar we hebben daardoor wel letterlijk een kijkje kunnen nemen in het echte leven van de plaatselijke bevolking. Leuk en interessant!

Vervolgens hebben we “La Paz in 24 uur” gedaan. De bedoeling was om er meer tijd te verblijven, maar na een kwartier lopen door het weinig attractieve stadscentrum was het busticket voor dezelfde avond al snel geboekt.

Het zuidelijker gelegen Sucre moest dan ook uitkomst gaan bieden. En dat deed het! Een mediteraans klimaat, nooit regen, overal witte huizen en gebouwen, gezellige pleinen en goede restaurantjes. De ideale locatie om vrijwilligerswerk bij een weeshuis te doen en een laatste keer Spaans lessen te nemen. Het werken in het weeshuis was echt een onvergetelijke ervaring en we hadden het gevoel echt iets voor de kindjes te kunnen betekenen. Alleen al met een kleurplaat of een knuffel zijn ze meer dan blij. In Sucre hadden we bovendien het beste hotel van onze hele reis door Zuid-Amerika.

Evenals Otavalo in Ecuador en Cuzco in Peru is ook Sucre zeer geschikt om een tijdje neer te strijken. We hebben er ons dan ook ruim twee weken op en top vermaakt. Het leukste aan Sucre is de puurheid van de bevolking. Opvallend vrolijke en eerlijke mensen, ondanks de gigantische armoede. Tot laat in de avond staan mensen massaal bij een van de vele dvd-verkopers te kijken naar uitsluitend worstelwedstrijden.

In Sucre hebben we ook een middag afgesproken met Geertje en Diederik, erg gezellig en altijd leuk om bekende gezichten te zien!

Ook hebben we afgesproken met onze grote vrienden uit Kaapstad, die ons – nadat we ons drie jaar geleden in een leeuwenveld in Botswana compleet hadden vastgereden – uit het zand hebben gesleept en die ons in het vervolg van hun “Kaapstad-Noorwegen-reis-overland” weer hebben opgezocht toen ze Nederland bezochten. Nu gaan ze in anderhalf jaar van Patagonië naar het noordelijkste puntje van Canada, wederom met hun Landrover. Beide 65+, er is dus nog hoop voor degene die besluit ooit nog avontuurlijk te worden.

Na het geweldige bericht dat ons prachtige nichtje Jolie geboren is, zijn we vol trots aan de slag gegaan met het knippen van grote roze letters, het opblazen van balonnen en het verzamelen van straatkinderen. Uiteindelijk hebben we hier met veel moeite een foto van kunnen maken en aan de trotse ouders gestuurd. Tijdens het maken van de foto op het hoofdplein hadden we plots wel 50 “toeschouwers” die zich logischerwijs hebben moeten afvragen wat we in godsnaam aan doen waren. Leuk was het in ieder geval zeker!

Na een onmenselijke tocht (8 uur bussen, midden in de nacht 5 uur wachten op een ijskoud busstation, weer 10 uur bussen, 4 uur slapen en 3 uur vliegen), zijn we aangekomen in Santiago, de hoofdstad van Chili. Ondanks het grauwe weer eindelijk een leuke hoofdstad, die veel weg heeft van een grote moderne Spaanse stad.

Nu zitten we te genieten van ons laatste avondmaal in Zuid-Amerika. Over een paar uur vliegen we naar Nieuw-Zeeland. Onderstaand nog even een aantal highlights van onze trip door Zuid-Amerika.

Onze leukste activiteiten:
1. Zwemmen met zeeleeuwen, pinguïns, schildpadden en haaien @ Islas Galapagos.
2) Mountainbiken in de Moon Valley in de Atacamawoestijn @ Chili.
3. Paardrijden in het groene Valle de Cocora @ Colombia.

De leukste steden:
1. Sucre (Bolivia)
2. Cuzco (Peru)
3. Otavalo (Ecuador)

De mooiste plekken:
1. Torres del Paine NP (gletsjers, meren en vulkanen @ Patagonië, Chile).
2. Islas Galapagos (Ecuador).
3. 4×4-drive van de Atacamawoestijn in Noord-Chili naar de zoutvlaktes in Zuid-Bolivia.

We gaan dit mooie continent verlaten met een dubbel gevoel. Enerzijds teleurgesteld dat we na vijf maanden weer gaan vertrekken, maar van de andere kant is dit eerste deel van onze reis helemaal compleet, we zijn er zonder kleerscheuren doorheen gekomen en het heeft al onze verwachtingen overtroffen. Een heerlijk continent!

20120701-211355.jpg

Afl. 10 Peru // Machu Picchu

Zelden kijken we hier televisie, maar onlangs hebben we in één etmaal negen films voor onze kiezen gekregen. Tijdens de busreis van Guayaquil (Ecuador) naar Lima heb je daar ruimschoots de tijd voor…29 uur. Dat is even lang als onze gehele reis van Nederland naar Zuid-Amerika, maar dan met nog een autoritje Heerlen-Parijs er achteraan. Per bus door Peru geraak je in die tijd helaas maar een klein stukje zuidwaarts. Maar gelukkig zijn de meeste bussen superluxe: compleet afklapbare stoelen, goed eten, WiFi en dus een marathon aan films.

Lima
Waar de Europese hoofdsteden meestal wel een stedentrip waard zijn, raad ik je aan om in de Zuid-Amerikaanse hoofdsteden – op een uitzondering daargelaten – je camera thuis te laten. Niet alleen voor de veiligheid, maar vooral omdat er weinig moois te zien is. Zo ook in Lima: slecht weer, een onaantrekkelijke kustlijn, geen hoogstaande architectuur, te veel veiligheidsrisico’s en een overschot aan fastfoodketens. Een aardige domper na twee weken Galápagos. In Lima hadden we daarom slechts één doel: de stad zo snel mogelijk verlaten. Na twee dagen werd dit doel bereikt en konden we eindelijk het échte Peru gaan zien. En…..?

Peru is in één woord overweldigend. In vergelijking met Colombia en Ecuador is de natuur mooier, zijn de bergen hoger, de mensen puurder, hun kleding kleurrijker en het eten beter. De keerzijde is dat het hoger ligt en het er dus kouder is, maar dat nemen we graag voor lief. In Peru zullen we hoe dan ook ooit terugkeren.

Huacachina
Na Lima zijn we naar het woestijndorpje Huacachina gereden. Deze plek staat bekend om zijn natuurlijke oase, een bijzonder verschijnsel midden in de woestijn. We hebben hier “gesandboard”, wat uiteindelijk neerkwam om op het bord te gaan liggen en de hoogste zandduin te bedwingen. In één streep recht naar onder. Veel leuker dan het lijkt, want voor je gevoel gaat het extreem snel. En als aandenken vind je twee dagen later nog de halve woestijn in je kleding en oren.

Cuzco
Drie dagen later hebben we een verschrikkelijke nachtbus naar Cuzco genomen. Zo ééntje waarin je bij iedere bocht van je stoel afglijdt, de hele nacht lang. Maar Cuzco maakt alles goed. De stad ligt op 3.700 meter hoogte en wordt tegenwoordig meestal als uitvalsbasis voor Machu Picchu gebruikt. Cuzco is echter te mooi om je aan de toeristenmassa en de honderden opdringerige schoenenpoetsers (veelal kinderen) te ergeren. De stad was tot de 16e eeuw de hoofdstad en het culturele centrum van het Inca Rijk. De Inca’s hebben Cuzco gebouwd in de vorm van een poema en er zijn nog veel gebouwen en tempels overeind gebleven. Dit ondanks de Spaanse verovering (lees: verwoesting). Vaak bouwden de Spanjaarden hun katholieke kerken bovenop de muren van de Inca-tempels. Als gevolg van de vele aardbevingen stortten veel Spaanse bouwwerken in, terwijl de Inca-muren nog steeds overeind staan. Naast de geweldige mix van de Inca- en de koloniale architectuur, bezit Cuzco tal van mooie pleinen. We hebben hier een week Spaans les gevolgd en genoten van de mooie ligging en van alle festiviteiten op het fenomenale hoofdplein.

Machu Picchu
Natuurlijk hebben we ook Machu Picchu bezocht. De Inca’s zijn waarschijnlijk in 1440 begonnen met de bouw van deze stad, die volledig geïsoleerd ligt tussen steile bergtoppen. De Inca’s moeten wel een hyperintelligent volk zijn geweest, getuige de wijze waarop de stad is gebouwd. Aangenomen wordt dat Machu Picchu een buitenverblijf was voor koningen en anderen hooggeplaatsten. De Inca’s bereikten de stad na een zware meerdaagse wandeltocht. Toen de Spanjaarden het Rijk van de Inca in 1532 versloegen, stopte de regelmatige trek van en naar Machu Picchu en raakte de stad verlaten. Pas in 1911 werd de stad weer ontdekt en is nu een van de zeven nieuwe wereldwonderen.

Onze verwachtingen van Machu Picchu waren eigenlijk niet hoog, voornamelijk doordat de omgeving toch niet zou kunnen tippen aan wat we al gezien hadden en er jaarlijks meer dan 400.000 mensen de stad bezoeken. Maar al die mensen komen niet voor niets…de schoonheid van de ruïnes en de ligging is bijna niet te evenaren. MP is zonder meer een van de echte highlights tijdens onze reis!

Nu zijn we – bijna vier maanden later – opnieuw in Bolivia. We liggen blijkbaar wat achter met schrijven, maar we hebben het dan ook héél druk gehad. Met lezen, Spaans lessen, voetbal kijken en eten. Maar bovenal met genieten en plaatjes schieten..;)

20120614-163641.jpg

Afl. 9 Galápagos // HAAI!!

De Galápagos Eilanden vormen een eilandengroep in de Grote Oceaan, circa duizend kilometer ten westen van Ecuador. De eilanden zijn van vulkanische oorsprong. Ze zijn nooit met het vasteland verbonden geweest en daardoor kon er in biologisch opzicht een uniek gebied ontstaan.

Wij hebben besloten alles zelf te regelen en dus geen dure toeristische bootcruise te maken. Zo heeft de lokale bevolking ook nog een beetje profijt gehad van ons bezoek, dit in tegenstelling tot de hordes toeristen die hun geld alleen spenderen aan een all-in cruise en vrijwel niets achterlaten op de eilanden zelf.

We hebben ruimschoots de tijd genomen om enkele eilanden afzonderlijk te ervaren. Doordat we ons eigen plan hebben getrokken, hebben we de mooiste baaitjes slechts hoeven delen met een vijftigtal zeeleeuwen en hier en daar een “verdwaalde” zeeschildpad (met een doorsnede van één meter).

Om de Galápagos echt te ervaren moet je echter af en toe een dagtoer maken, want de mooiste plekken zijn alleen per boot bereikbaar. Zo zijn we op het broedeiland van de iguana’s (leguanen) geweest, hebben we de blue footed boobies gezien (zijn vogels :p), fregatvogels die hun hals opblazen tot een enorme rode ballon om indruk te maken op de vrouwtjes, pelikanen en veel meer vogelsoorten die alleen hier voorkomen.

Alle prachtige vogels ten spijt, de onderwaterwereld is hét hoogtepunt en verschilt enorm per eiland. We hebben dan ook meerdere keren gesnorkeld en al snel alles van ons lijstje kunnen afstrepen. Méér dan zelfs. We hebben gezwommen met duizenden tropische vissen, met minstens twintig pinguïns, wel dertig super nieuwsgierige en speelse zeeleeuwen, tientallen megaturtles en zelfs met eagle rays (manta’s). En als troost voor dit alles hebben we gesnorkeld bij Kicker Rock – een waanzinnige duikplek midden in de oceaan – waar Galápagossharks één meter onder ons zwommen!!

Op het in onze ogen leukste eiland, San Cristobal, is de gehele kustlijn en zelfs de hoofdstraat volledig ingenomen door zeeleeuwen. Er bevinden zich meer zeeleeuwen dan mensen op de bankjes. ‘s Avonds, als de straten donker en verlaten zijn, liggen er op één plek met gemak vijfhonderd bij elkaar, maar vooral op en over elkaar. Voor de pasgeboren jongen een groot gevaar, maar voor ons een indrukwekkend schouwspel, waar we iedere avond uren van hebben genoten.

Wat zijn we blij dat we deze droomeilanden niet hebben overgeslagen en dat we het helemaal op eigen houtje hebben gedaan. We hebben zó veel gezien en weten zeker dat we hier nog heel lang energie uit kunnen putten.

20120528-224951.jpg

Afl. 8 Amazone // What’s next??

Inmiddels zijn we al weer langer van huis dan voor de “onderbreking”, maar daar merken we weinig van. De tijd vliegt hier voorbij en we vervelen ons geen dag.

Er is in dit continent enorm veel te zien en te beleven, maar de echte highlights liggen duizenden kilometers van elkaar af. We zijn dus veel tijd kwijt aan het reizen zelf maar komen daardoor wel op talloze plaatsen waar geen toerist te zien is. Waarschijnlijk is dat het mooiste aan reizen. Zien hoe de mensen hier in het leven staan. Je kunt honderden documentaires kijken of boeken lezen, maar een realistisch beeld krijg je toch echt alleen door het zelf te ervaren.

Het reizen in Zuid-Amerika gaat ons eigenlijk bijzonder gemakkelijk af…..naarmate de tijd verstrijkt is het steeds eenvoudiger om de juiste beslissingen te nemen. En dat is wel echt noodzakelijk in een werelddeel waar je wereldvreemd bent, waar veel mensen onder de armoedegrens leven en de criminaliteit dus hoog is.

Quito
Over Quito hebben we bijvoorbeeld de nodige “gruwelverhalen” gehoord. Iedereen die we tijdens onze reis hebben ontmoet is hier gerold of zelfs overvallen. Desondanks is het vrijwel noodzakelijk om in deze stad te stoppen, omdat het op de hoofdroute naar het zuiden ligt en omdat Quito de uitvalsbasis is voor de meeste hoogtepunten van Ecuador.

Echter, inmiddels zijn we hier nu in totaal al langer dan een week en de stad bevalt ons goed. Het oude centrum van Quito is indrukwekkend en het is de mooiste stad die wij tijdens deze reis hebben gezien. En zolang je je niet in het donker vertoont en geen enkele waardevolle spullen meesleept lijkt er weinig aan de hand.

Otavalo
Voordat we naar de hoofdstad gingen hebben we een weekje Spaans gevolgd in Otavalo. Dit indianenstadje staat bekend om haar immense zaterdagmarkt, welke al vroeg in de ochtend wordt bevolkt door ” indigena’s” vanuit de omringende dorpen. Je kunt er werkelijk alles kopen wat met textiel te maken heeft, met als gevolg dat wij nu genoodzaakt zijn om de komende maanden een loodzware hangmat mee te sjouwen (thanks Bibi).

Misschien minder bekend dan de textielmarkt, maar in onze ogen veel indrukwekkender, is de locale dierenmarkt. Eén keer in de week is het hier één grote chaos, als de plaatselijke bevolking hier massaal staat de onderhandelen over het avondeten. Varkens, koeien, kippen, konijnen, cavia’s en veel meer lekkernijen. Ons hart stond even stil toen wij zagen hoe deze beesten worden behandeld (en verhandeld). Nu weten we weer waarom we vegetariër zijn geworden!

Cuyabeno NP
Vanuit Quito zijn we in 12 uur met bussen en een bootje aangekomen in het grootste regenwoud op aarde…. de Amazone. Het beslaat een oppervlakte van 7 miljoen m² en ligt verspreid over 9 landen. Met tientallen duizenden plantensoorten, 2.000 vogelsoorten en zoogdieren en zo’n 2,5 miljoen insectensoorten is het eveneens het meest biodiverse gebied ter wereld.

Tijdens de boot- en (nacht)wandeltochten hebben we ontelbaar veel dieren gespot. Kaaimannen, vogelspinnen, piranha’s, een anaconda, een luiaard, toekans, ara’s (yes!) en vijf verschillende soorten apen. We hebben bizarre insecten en het kleinste aapje ter wereld gezien. Het hoogtepunt was een door de bomen slingerende groep van meer dan honderd apen, die niet bepaald blij waren met onze aanwezigheid en hun agressie uitten door takken naar beneden te gooien.

Het gevoel dat de Amazone op je overbrengt is onbeschrijflijk. Om vijf uur ‘s ochtends wakker worden van de jungle die ontwaakt, in een bootje in alle stilte op zoek naar dieren, en tijdens de zonsondergang zwemmen in de Amazone. Een ervaring die je iedereen toewenst.

What’s next??
Gisteren was het plan om Quito te verlaten voor een beklimming van de Cotopaxi-vulkaan. We hadden onze tassen al ingepakt, toen we aan de praat raakten met een ander koppel. Zij kwamen net terug van een plek, die wij om financiële redenen reeds hadden afgeschreven. Na zes uur wikken en wegen met hun tips in ons achterhoofd, beseften we dat we maar één keer leven en dat we hier anders waarschijnlijk nooit meer zullen komen.

We hebben twee enkeltjes geboekt. Morgen vliegen we naar de Galapagoseilanden!!!!

20120503-172146.jpg

Afl. 7 Salento // Café de Colombia

Bogotá moet haast wel de minst aantrekkelijke hoofdstad van Latijns-Amerika zijn. De mooie ligging en het indrukwekkende Plaza de Bolívar konden niet voorkomen dat we deze lelijke metropool zo snel mogelijk wilden verlaten. Na vijf te lange dagen konden we eindelijk vertrekken. Zelden zijn we zo blij geweest met een negen uur durende busreis in het vooruitzicht. Bogotá verlaten was een verademing! Deze stad verdient de titel van dit reisverslag dan ook niet.

Met Salento als volgende bestemming wordt je reislust weer aangewakkerd. Dit prettige kleine stadje ligt aan de uitlopers van de Andes en in het hart van het Colombiaanse koffiegebied. De huisjes liggen aan super steile straten en hebben kleurrijke balkonnetjes. De mannen dragen cowboyhoeden en houden zich vooral bezig met biljarten en koffie drinken. Geen slechte daginvulling! Maar ook wij hebben hier niet te klagen. We hebben veruit het beste hostel tot nu toe. ‘s Ochtends vroeg word je gewekt door de dorpshaan en hoor je de eerste paarden al rondrennen. De mensen zijn ontzettend happy, net als wij. Helemaal omdat ze in Salento de allerbeste koffie hebben. Ook erg speciaal om hier te vertoeven tijdens Pasen, dat hier nog op middeleeuwse wijze wordt gevierd.

Uiteraard hebben we een koffieplantage bezocht en weten we eindelijk alles over dat drankje waaraan de halve wereld zich dagelijks klem zuipt. Na olie is koffie het belangrijkste handelsproduct ter wereld. Colombia is na Brazilië de grootste koffieproducent wereldwijd. De strategische ligging van het land – met havens aan zowel de Atlantische als de Stille Oceaan – is van onschatbare waarde voor de koffieindustrie. Het economische belang van het koffiegewas voor Colombia is zelfs zodanig dat alle voertuigen die het land binnenkomen ontsmet worden om schadelijke bacteriën tegen te houden.

Voor ons ligt het geheim van Salento echter verscholen in het aangrenzende Valle de Cocora. Dit natuurgebied herbergt niet alleen talloze soorten kolibries en andere vogelsoorten, maar is vooral bekend vanwege haar “waxpalmen” die tot wel zestig meter hoog kunnen worden. Omdat we al aardig wat hiketochten achter de rug hadden, twijfelden we erover om de jungle met paarden te betreden. Echter, de paarden hier zijn nogal wild en eigenzinnig en het parcours is in alle opzichten avontuurlijk te noemen. Een combinatie die slechts geschikt lijkt voor gevorderden. Geen ideale tocht voor twee onervaren ruiters dus, maar door alle lovende verhalen zijn we de uitdaging toch aangegaan.

De omgeving moet fantastisch zijn geweest, maar de eerste twintig minuten hebben we alleen het zadel van onze paarden gezien en waren de teugels in onze handen afgedrukt… de eerste bange momenten in Zuid-Amerika. Helemaal omdat het er sterk op leek dat de paarden er een onderlinge wedstrijd van wilden maken. Geen rustgevende gedachte op een bochtige, modderige en enorm steile route waar amper plaats is voor één paard. En als je (JP) dan ook nog een schop krijgt van het paard voor je, gaan je gedachte nog wel eens terug naar een wreedzame hiketocht of een cocktail aan het strand. Maar nadat we de eerste van vele rivieren succesvol hadden doorkruist, keerde ons vertrouwen weer terug en hebben we alsnog genoten van dit grote avontuur.

Colombia is een land dat door de media kapot wordt geschreven, maar daar hoef je als toerist niet veel van te merken. Wij hebben ons er in ieder geval geen moment onveilig gevoeld. Onder andere de massale aanwezigheid van het leger is echter het bewijs dat er in Colombia wel degelijk van alles speelt waar wij weinig weet van hebben. Enerzijds heeft dit uiteraard te maken met de FARC, de vele guerillabewegingen en de drugshandel. Anderzijds blijkt dat de inwoners elkaar afmaken als gevolg van de kleinste incidenten, dat hele families met geweld van hun land worden verdreven en dat aan dit alles weinig sancties zijn verbonden. Ook weet je al genoeg als je in regeringsgebouwen anti-corruptie posters ziet hangen.

Na vier weken Colombia zijn we vanuit het zuiden van het land in drie dagetappes naar Ecuador gereden, waarbij we nog een dag in de “witte stad” Popayan zijn verbleven. De route van Popoyan naar de grens met Ecuador wordt sterk afgeraden om ‘s nachts te bereizen, vanwege de enorme toename van aanvallen op nachtbussen. Hier hebben we dus maar van afgezien en inmiddels zijn we veilig de grens over en zijn we in Otavalo, bekend om zijn gigantische zaterdagmarkt. Nog één nachtje slapen dus voordat we onze eerste (kleine) souveniertjes kunnen kopen!

Hasta luego!

20120413-165651.jpg

Afl. 6 Caribbean // Cocos

Na een niet geplande onderbreking in Nederland zijn wij weer op pad. Vanuit de Atacamawoestijn in het noorden van Chili zijn we in drie dagen met een 4×4 naar Salar de Uyuni gereden, de grootste zoutvlakte ter wereld. Een fantastische trip met meren, warmwaterbronnen, bolhoedjes en vooral heel veel flamingo’s en zout.

We hebben onze onderbreking aangegrepen om de reis te wijzigen en vanuit Nederland naar Cartagena in Colombia te vliegen. We reizen nu dus van noord naar zuid in plaats van andersom. Colombia kwam niet voor in ons oorspronkelijke plan, maar werd ons vanaf dag één al door veel reizigers aangeraden. En dan is niets leuker dan je reisplan omgooien!

Cartagena
Cartagena is in 1533 gesticht door Spaanse ontdekkingsreizigers en was lange tijd de voornaamste schakel tussen Spanje en Zuid-Amerika. Cartagena was destijds een van de rijkste steden ter wereld, met als gevolg dat men de stad in het verleden talloze keren heeft getracht te plunderen. Het bewijs hiervan is vandaag de dag nog te zien aan de vestingmuren die de oude stad ommuren en de vele (restanten van) forten, die de stad moesten beschermen tegen piraten. Officieel heet de stad “Cartagena de Indias”. Spaanse ontdekkingsreizigers waren op zoek naar een directe handelsroute naar India. Een gigantische topografische vergissing, maar vanwege haar historische betekenis heeft de stad deze naam aangehouden. Bovendien is het de eerste stad waar de bevrijde Afrikaanse slaven uit het binnenland naartoe gingen en dat zie je nog steeds terug in de multiculturele samenleving.

Cartagena prikkelt al je zintuigen. Het heeft mooie kleurrijke huizen, prachtige bloemen en heerlijk tropisch fruit. Het is er warm en overal hoor je salsa en reggaeton. Vaak afkomstig van families die twee stoelen buiten zetten, daar twee enorme speakers op plaatsen en de volumeknop vervolgens volledig naar rechts draaien. Het komt de sfeer ten goede en maakt het plaatje compleet.

Tayrona National Park
Op dit moment zijn we in Taganga, een klein vissersdorpje op vijf uur bussen van Cartagena. Gelegen aan een perfecte baai aan de Caribische kust, maar veel is hier niet te doen. Dat komt goed uit, want ons hotel heeft hangmatten, WiFi, cocktails, heerlijke pasta’s en Champions League-voetbal! Het schijnt dat je hier goed kunt snorkelen, maar daar hebben we weinig vertrouwen in gezien de gigantische hoeveelheid wier en troep in het water.

Vanuit Taganga hebben we gedurende twee dagen het iets verderop gelegen Tayrona National Park bezocht. Na een twee uur durende wandeltocht door het tropisch regenwoud arriveer je bij geweldig mooie stranden. Enige minpunt is dat zwemmen bij de meeste stranden door de sterke onderstroming levensgevaarlijk is. Volgens de waarschuwingsborden zijn er ter plekke meer dan 200 mensen verdronken. Ondanks dat er ook enkele “veiligere” baaien zijn met kraakhelder water, hebben we het snorkelen ook hier maar overgeslagen. Hoe dan ook, we hebben genoten van dit paradijs waar jungle en strand in elkaar overlopen. We hebben aapjes gespot en een gevecht tussen een slangetje en een hagedis bijgewoond, welke uiteindelijk in het voordeel van de slang werd beslecht. En Bibi heeft eigenhandig een kokosnoot geopend, een lang gekoesterde droom kwam uit.

Overigens was dit nationale park een paar jaar geleden nog oorlogsgebied. De FARC voerde hier een hevige strijd met het Colombiaanse leger. De FARC produceerde er cocaïne en smokkelde de drugs vanuit de stranden van het park naar de Verenigde Staten en Europa. Met de opbrengst van de drugshandel financiert de FARC tot op de dag van vandaag haar revolutionaire strijd. In 2003 ontvoerde de FARC in Tayrona nog acht toeristen.

Wij zijn niet ontvoerd en kunnen onze trip morgen dus voortzetten naar de hoofdstad, Bogota.

Besos a todos

Afl. 5 San Pedro de Atacama // Coca leaves

Na een super hiketocht en een top verjaardag in El Chalten (bedankt voor de felicitaties) werd het tijd voor een andere cultuur, natuur en een ander klimaat. Tijd voor Salta!

Salta
Salta ligt in Noord-Argentinië en is met ruim een half miljoen inwoners de 6e stad van het land. De stad wordt omringd door het Andesgebergte en ademt met haar mooie oude kerkjes en gebouwen een koloniale sfeer uit. Het massatoerisme is hier de laatste jaren sterk toegenomen. Niet voor niets, want de omgeving van Salta is prachtig.

Rondom Salta liggen verschillende leuke Andesdorpjes, maar het zijn toch vooral de routes er naartoe die interessant zijn. Eén dag hebben we ons laten verleiden een dagexcursie te maken naar het zuidelijker gelegen wijngebied Cafayate. De weg loopt dwars door schilderachtige bergketens en aan weerszijden van de weg zie je de ene na de andere bijzonder gevormde rotsformatie. We waren al vroeg in de ochtend vertrokken en het was dus lastig om onze ogen open te houden. Zonde van het uitzicht, maar gelukkig was er een remedie voorhanden: coca leaves. Door op de bladeren te kauwen stijgt je zuurstofgehalte en verbetert je uithoudingsvermogen…. waar waren die bladeren tijdens het hiken??? In Cafayate hebben we een wijnhuis bezocht en tijdens de lange vermoeiende terugrit won de alcohol het van de coca. Slapen dus.

De route was geweldig, maar de tour zelf was niet bepaald flexibel. We besloten meteen dat dit hier onze eerste en laatste excursie zou zijn. Twee dagen later zaten we dan ook in de lokale bus naar Tilcara, een minuscuul dorpje ten noorden van Salta. We wilden hierheen omdat Tilcara op de route ligt naar Noord-Chili. Maar omdat half Argentinië hier zeer uitbundig carnaval viert, waren alle accommodatie al weken van tevoren volgeboekt. Niets zou onmogelijk moeten zijn, dus na drie uur surfen hadden we eindelijk een slaapplaats gevonden, en wel een tweepersoonskamer! Goed en wel gearriveerd in het afgeladen Tilcara zagen we hele groepen tevergeefs op zoek naar een slaapplek…arme mensen…hoe gaan jullie deze nacht overleven in een pikkedonker dorpje in the middle of nowhere? In een plaatsje dat sterk lijkt op een straatarme wijk in Afrika, maar dan met duizenden straalbezopen Argentijnen die zich enkel bezighouden met het onderspuiten – met een soort scheerschuim en talkpoeder – van iedereen en alles dat hun pad kruist. Gelukkig hadden wij een hostel geboekt, zodat wij aan deze waanzin konden ontkomen….. Totdat we van de eigenaar te horen kregen dat wij ècht niet bij hem geboekt hadden….. oeps. Op onze boekingsbevestiging reageerde hij slechts met de opmerking dat hij die boekingssite niet kende. Het hostel had niet eens tweepersoonskamers. Het hiervoor beschreven scenario (slapen op straat) klonk onaantrekkelijk, dus weggaan was geen optie. Gelukkig mochten we uiteindelijk bij een groep van acht Argentijnse studenten in de slaapzaal liggen.

De festiviteiten in het dorp leenden zich er niet voor om langer dan twee uur buiten te blijven (zie foto’s onder Argentinië – Salta). Carnaval kun je het in ieder geval zeker niet noemen. Vrijwel niemand is verkleed, er zijn slechts vijf muzieknummers die aan één stuk door 24 uur lang worden gedraaid en het leek erop dat Gillette de hoofdsponsor was. Maar het belangrijkste is dat iedereen het hier geweldig vindt en de ligging is bovendien fenomenaal. Voor ons was het een bizarre ervaring die we niet snel zullen vergeten.

De dag erna zijn we met de bus naar een ander dorpje gereden, Purmamarca. We waren echter niet de enigen die de carnavalsgekte wilden ontvluchten. De bus zat onverantwoord vol. Gelukkig konden we nog mee, maar we moesten dan wel op de scharnieren van de deur staan. Eén meid lag op het dashboard, maar de chauffeur leek met dit alles geen moeite te hebben en legde het “circuit” al bellende ver boven de maximumsnelheid af. Zonder carkit, maar mèt een glimlach.

Purmamarca is een leuk dorpje op 2200 meter hoogte en staat bekend om haar zevenkleurige berg. Hier hebben we in een luxe huisje geslapen en zijn we even kunnen bijkomen van het carnaval.

San Pedro de Atacama
Op dit moment zijn we in San Pedro de Atacama (op 2500 meter), in het noorden van Chili. Op 23 februari hebben we de bus hierheen genomen. Een krankzinnig mooie 10 uur durende route, waarbij het landschap steeds droger en kaler wordt en er uiteindelijk alleen nog maar cactussen overeind staan. San Pedro is een klein stadje in de Atacamawoestijn, de droogste woestijn ter wereld. De wegen zijn allemaal onverhard en de huisjes, winkels en hostels zijn grotendeels van leem. De stad ligt aan de voet van een gigantische besneeuwde vulkaan en is omringd door zand en rotsen.

Gisteren zijn we gaan mountainbiken door de nabijgelegen “moonvalley”. De omgeving doet zijn naam eer aan, want je bevindt je midden in een surrealistisch landschap met overal witte zoutvlakten en besneeuwde bergen. Je waant je in een oneindig groot schilderij van Salvador Dalí. Een mooiere fietstocht is nauwelijks denkbaar.

Morgenvroeg rijden we in drie dagen omhoog naar Salar de Uyuni in Bolivia, de grootste zoutvlakte ter wereld. We stijgen dan verder naar 3700 meter. Voorschrift: geen alcohol en geen rood vlees de avond van tevoren. Laten we ons daar voor deze keer dan maar aan houden.

Adios!

20120226-084228.jpg

Afl. 4 Patagonia // It blows you away

Hiken op ‘s werelds mooiste gletsjer en in vier dagen met full equipement dwars door het nr. 1 national park van Zuid-Amerika. Een reis door een gebied met lichtblauwe meren, rivieren, watervallen, sneeuwtoppen, gletsjers, lama’s en condors. This is Patagonia!

Patagonië betreft het zuidelijkste deel van Argentinië en Chili. Wij hebben tot nu toe Perito Moreno in Argentinië en Torres del Paine in Chili bezocht. Op 30 januari zijn we de hele dag onderweg geweest om van Montevideo in El Calafate in Zuid-Argentinië te komen. Met de bus zou deze afstand 45 uur beslaan, dus wij kozen voor vliegen, wat namelijk niet veel duurder bleek. Door 4 uur vertraging bij de tussenstop in Buenos Aires hebben we er uiteindelijk toch nog 15 uur over gedaan. Maar dan stap je wel 3.000 km zuidelijker uit het vliegtuig en heb je niet voor niets die zware winterkleding meegenomen.

Perito Moreno @ Argentinië
El Calafate is een klein dorpje met een “wintersport-look” waar slechts 3000 mensen wonen. In deze periode zijn er gemiddeld echter tien keer zo veel mensen aanwezig. Alles is dan ook gericht op het toerisme en de prijzen zijn ronduit bespottelijk. Neem bijvoorbeeld onze backpacks. Die kosten hier bijna drie keer zoveel als in Nederland, maar zo slim als we zijn hadden we die al vantevoren gekocht .

De hoofdattractie van El Calafate is de 80 km noordelijker gelegen gletsjer Perito Moreno. Alles draait om dit natuurfenomeen en er is geen straatje waar een afbeelding van deze gletsjer ontbreekt. Erg is dat niet, want het plaatje doet je continu verlangen naar de real experience, welke gelukkig al voor de tweede dag staat ingepland.

Na 90 minuten in de bus arriveer je in het National Park Los Glacieres en niet veel later zie je hem al liggen. Iedereen probeert vanuit de bus shots te nemen, maar dit alles blijkt overbodig als we enkele minuten later pal voor de gletsjer staan. Op steenworp afstand van een gigantische blauwwitte muur van 5 kilometer breed en 60 meter hoog. Je hoort niets, behalve windkracht 7 en het overdonderende gekraak van het ijs. Eén keer waren we getuigen van een immens stuk afgebrokkeld ijs dat met geweld in het water viel. Een gevoelsbeschrijving van de Perito Moreno geven is onmogelijk, maar onze Britse kamergenoot kwam het dichtste in de buurt: “It blows you away!“.

Vanuit het viewpoint kijk je tegen de voorkant van de gletsjer aan. We hebben waarschijnlijk nog nooit zo lang naar één plek gekeken, maar na drie uur werd het tijd om op de boot te stappen en de gletsjer vanaf het water te aanschouwen, een totaal ander maar minstens zo spectaculair uitzicht. Daarna tijd om op te warmen: hiken op de gletsjer zelf. Continu klimmen en dalen met ijzers onder onze schoenen. Een bizarre en unieke ervaring, evenmin te beschrijven dus vandaar een verwijzing naar de foto’s.

Torres del Paine @ Chili
Na drie dagen El Calafate zijn we de grens naar Chili overgestoken om een ander hoogtepunt van Patagonië te bezoeken: Torres del Paine National Park. Dit natuurgebied beslaat 2.400 km² en trekt jaarlijks 200.000 wandelaars. Met volledige bepakking en proviand zijn we zondagochtend begonnen aan onze vierdaagse trekking door dit overweldigende park. Bij aankomst in het park wordt ons nog medegedeeld: “After two and a half months we finally have rain today”. Mooi!

Nadat de bus en catamaran ons in het park hebben afgezet, zijn we in vijf uur naar de camping gelopen. Vijf uur door de regen, bergop en bergaf. Gelukkig ben je niet in staat om je daar druk over te maken, want de natuur en het uitzicht zijn fenomenaal. De eerste twee uur zijn alle bomen gitzwart, met dank aan een Tsjechische toerist die in december 14.000 hectare heeft platgebrand na een mislukte BBQ. Een deel van het gebied brandt nog steeds, maar het is onder controle. Zeer triest, maar anderzijds ook heel indrukwekkend om door die “dode wereld” te lopen.

In de volgende drie dagen hebben we opnieuw moeten klimmen en klauteren. Eigenlijk zitten er vrijwel geen vlakke stukken in de trekking en moet je bovendien de nodige rivieren doorkruisen. Zweten dus… en als je niet door blijft gaan bevries je, want het waait hier overal extreem. De nachten op de campings zijn geen pretje, de matjes zijn zo dun dat we ze beter niet hadden kunnen meeslepen. Bovendien is het ‘s nachts steenkoud en waait het zo hard dat je blij bent als je ‘s ochtends op dezelfde plek wakker wordt. Geen welverdiende nachtrust dus.

De laatste dag blijkt het zwaarst, het laatste uur gaat het afschuwelijk stijl omhoog. Maar na ook dat te hebben overwonnen bereiken we het “einddoel” van onze trekking, de drie hoge bergtoppen (torens) waarnaar het park is vernoemd, de Torres. Niet iedereen heeft het geluk ze met goed weer en zonder wolken te kunnen aanschouwen. Wij wel! Een voldaan gevoel na vier loodzware maar onvergetelijke dagen. Met de Perito Moreno dachten wij even het hoogtepunt van Zuid-Amerika bereikt te hebben, maar de schoonheid van dit park is de overtreffende trap.

We zijn nu aan het bijkomen en vinden het super om al jullie leuke reacties te lezen, muchas gracias! Morgen nemen we de bus terug naar Argentinië en zaterdag komen we aan in El Chalten, de Argentijnse tegenhanger van Torres del Paine. Wij gaan dus nog even door met hiken. Dat werkt hier verslavend!

20120209-222021.jpg

Afl. 3 Montevideo // Carnaval

Uruguay ligt ingesloten tussen Argentinië en Brazilië en telt 3,5 miljoen inwoners. Bijna de helft daarvan woont in Montevideo, volgens de rankings de op één na veiligste hoofdstad ter wereld.

Of dat laatste correct is valt te betwijfelen, aangezien wij er al een aantal keren uitdrukkelijk op zijn gewezen bepaalde delen van de stad links te laten liggen. In het centrum staat op nagenoeg iedere hoek van de straat een politieagent ter bescherming van de toeristen. In een beetje veilige stad zou dit toch overbodig moeten zijn!

Montevideo heeft evenals Buenos Aires een geweldige koloniale architectuur, maar toeristen kom je er (gelukkig) amper tegen, behalve Argentijnen die hier de beaches komen opzoeken. De lokale specialiteiten zijn vlees, vlees en nog eens vlees, smullen dus. Het favoriete drankje is maté, een soort kruidenthee. Hier loopt half Uruguay mee over straat, inclusief thermosfles om continu bij te schenken. Grappig om te zien, maar in deze hitte prefereren wij toch een koeler drankje.

Het stadsstrand is niet onaardig en in combinatie met de temperatuur – ca. 28 graden en daarmee een stuk aangenamer dan Buenos Aires – kun je hier in Montevideo moeiteloos een paar dagen doorbrengen. Ook op het strand is de politie overigens bijzonder actief. Tijdens onze eerste stranddag werd de ene na de andere “local” van ‘t strand gepikt en in de boeien geslagen. Waarom weten we niet precies, maar bij twee van hen was er vast een verband met de wapens die achteraf uit hun tassen verschenen. Je houdt er in ieder geval een prettig gevoel aan over… wíj zijn voor het donker binnen ;) .

Behalve vrijdagavond dan, toen we vanuit ons hostel op televisie feestende mensen zagen… De start van het Uruguyaanse carnaval !!! Just around the corner. Dan kun je écht niet thuisblijven. Geweldig om dit hier mee te maken en het feit dat wij op de hele avond slechts twee andere toeristen hebben gezien maakt de ervaring extra speciaal. Maar oh wat jammer dat we onze goede camera niet hadden meegenomen. Ze vieren hier 40 dagen carnaval, het langste ter wereld. Zo gaat het dit jaar dus toch niet helemaal aan ons voorbij.

We zijn blij dat we Uruguay plots toch nog aan onze reis hebben toegevoegd. Niet alleen vanwege het feestelijke carnaval en de stranden, maar ook omdat de mensen hier ontzettend vriendelijk, geïnteresseerd en behulpzaam zijn.

Wij vliegen morgenochtend direct vanuit Montevideo naar El Calafate in het zuiden van Argentinië, waar ons Patagonië-avontuur gaat beginnen. Op naar de gletsjer Perito Moreno, volgens velen het hoogtepunt van Argentinië. Yes!

20120129-152051.jpg

Afl. 2 Buenos Aires // Tango y Litros

Het is maar goed dat dit niet het eindpunt van onze reis is, want Buenos Aires is een stad waar je zomaar eens zou kunnen blijven plakken. Het is hier behoorlijk zonnig (afgelopen dagen met > 36 graden soms te zonnig), maar Buenos Aires betekent dan ook niet voor niets “goede luchten”. Wat ons zo aanspreekt is dat de stad zeer divers is, wat tot uiting komt in de verschillende wijken.

Het echte centrum is niet per definitie mooi te noemen, maar door haar historische gebouwen is het toch zeer indrukwekkend. Met 140 meter is Avenida 9 de Julio de breedste straat ter wereld.

De zuidelijk gelegen arbeiderswijken La Boca en San Telmo zijn zeer levendig en kleurrijk. Hier komt BA bij elkaar om te dineren en te dansen. ‘s Nachts kun je hier uit veiligheidsoverwegingen echter beter wegblijven.

In Recoleta hebben we de begraafplaats van Evita Perón bezocht, de invloedrijkste en bekendste vrouw die Argentinië heeft gekend. Haar graf is zeker niet mooi, maar het kerkhof zelf is absoluut fantastisch. Hier liggen graven ter waarde van een leuke (Nederlandse) woning.

Opvallend is dat het nachtleven hier pas zeer laat op gang komt. Het verbaasde ons dan ook dat wij om vijf uur ‘s nachts als een van de eersten naar huis gingen, terwijl de terrassen nog bomvol zaten. Michiel aka Miguel had ons hier al spoedig kennis mee laten maken. We zijn ook naar een tangobar geweest, een authentiek gebouw met een geweldige sfeer. Niet te verwaarlozen is dat de standaardflesjes bier hier un litro zijn. Thanks Miguel!

Gisteren zijn we – via een tussenstop en overnachting in het Argentijnse Tigre en een drie uur durende boottocht over de Rio de la Plata – aangekomen in Uruguay. Tigre viel helaas een beetje tegen. De plaats waar wij nu zijn, Colonia del Sacramento, is echter super idyllisch. Het is de oudste stad van Uruguay en het historische stadscentrum staat op de UNESCO werelderfgoedlijst.

Zo dadelijk nemen we de bus naar Montevideo, el capital. Hopelijk kunnen we daarna een strandje meepikken, van waaruit we een nieuw verslagje zullen tikken.

Saludos!

20120125-104420.jpg

Afl. 1 – Buenos Aires // Hippies?

Je moet er wat voor over hebben – 26 uur van deur tot deur – maar na een vlekkeloze vlucht zijn we eindelijk in Buenos Aires. We zijn vandaag in BA niet verder gekomen dan een wandelingetje door ‘onze wijk’ Palermo en een tevergeefse zoektocht naar vegetarische hamburgers. Niets spannends dus.

Het tochtje van ‘t vliegveld naar ons hostel was desalniettemin een stuk enerverender. Een taxi zou in een klap ons dagbudget overstijgen, dus dan maar met lijn 8. Twee uur in een snikhete bus, een buurvrouw die zich meer zorgen maakt dan wijzelf of wij ons hostel wel gaan vinden en die bovendien de gehele rit onafgebroken Spaans tegen ons spreekt, en een hele bus met toeschouwers die onze buurvrouw (en waarschijnlijk ook ons) aanstaart. Na haar te hebben verteld dat we ruim zeven maanden willen gaan rondreizen vraagt mevrouw of wij ‘hippies’ zijn. Sure. Hippies?

Uiteindelijk heeft onze buurvrouw meerdere mensen aan het werk gezet om ons vrijwel voor ons hostel af te zetten. Prettig om zelf niets te hoeven regelen. En na wat geldwisselproblemen hebben twee Argentijnse meisjes tenslotte gezamenlijk onze busreis betaald. Een goed begin.

Een kort dagje, maar drie vroege conclusies. (1) De locals lijken bijzonder vriendelijk en behulpzaam. (2) Bussen zijn aanzienlijk goedkoper dan taxi’s. (3) We moeten gruwelijk snel Spaans gaan leren.

Countdown…

Het is bijna zover… 16 januari as. vertrekken we dan eindelijk richting Buenos Aires. Van daaruit gaan wij al backpackend een deel van Zuid-Amerika bezichtigen. Vervolgens staan ook Nieuw-Zeeland, Australië en Azië op de planning. We gaan dus ècht de wereld rond!

Nu eerst nog de laatste voorbereidingen treffen, waaronder het boeken van de Inca Trail in Machu Picchu (Peru), het boeken van een camper in Australië en ons het Spaans een beetje eigen maken.

Maar voor het zover is, eerst nog een afscheidsparty de 13e ;)

Wordt vervolgd….